'Mam, je moet ophouden zoveel te bidden, anders draai je door'

De woorden van haar zoon komen hard binnen bij Malti Rambahdjan. Haar echtgenoot Nath (61) kreeg corona en werd zeven weken lang in coma gehouden. "Ik sliep niet, ik was alleen maar aan het bidden en hopen dat het goed komt. Tot mijn zoon zei: mam, je moet ophouden, anders draai je door."

Op 26 maart belandde Nath met corona in het Erasmus MC. Het echtpaar Rambahdjan maakte nog de afspraak voor het bezoekuur de volgende dag. Dat liep even anders, Malti zag hoe haar man in bed weggereden werd.

"Ze brachten hem toen al naar de intensive care en daar moest ik afscheid van hem nemen. Ik moest vrij snel de kamer uit want hij moest direct aan de beademing."

Nachtmerrie

Malti weet de data nog exact te noemen. Van 27 maart tot en met 8 juni lag haar echtgenoot op de intensive care van het Erasmus MC.

De nachtmerrie begon erg onverwacht voor het gezin. Nath kwam rond etenstijd thuis en voelde zich niet lekker. "Even op bed gaan liggen en dan eten", dacht hij. Maar zijn vrouw trapte er niet in en stond al snel naast het bed. "Ze zag mij ijlen, trillen en zweten. De trap op kon ik me nog wel herinneren, maar de trap af was één zwart gat."

In het IJsselland Ziekenhuis ging Nath direct aan de beademing en belandde al snel in het Erasmus MC.

'Rotste periode van mijn leven'

"De eerste zes weken waren heel zwaar", vertelt Naths echtgenote Malti. "Toen lag hij kritiek en wisten we niet of hij het zou redden."

Malti gaat in die weken iedere dag naar het Erasmus MC. "Als ik niet bij hem was, had ik de telefoon bij me omdat er ieder moment slecht nieuws kon komen."

Hoe ze de dagen is doorgekomen, weet Malti zich niet meer goed te herinneren. Ze slaapt slecht en leeft naar de bezoekuren toe. Soms blijft ze het volledige uur bij Nath, soms vertrekt ze al na tien minuten omdat ze het niet aan kan. "Dan kom je binnen en zie je hem op zijn buik liggen, met zijn ogen dichtgeplakt, en dan al die apparatuur..."

"Als ik terugdenk, vraag ik me af wat ik die dagen gedaan heb", gaat Malti verder. De berichten blijven zorgelijk. Artsen vertellen dat Nath met heel veel medicijnen in leven gehouden wordt. "Thuis kroop ik gelijk in bed", zegt Malti. "Ik had geen zin om met mensen te praten, want wat moest ik ze vertellen? Ik wist óók niet hoe het ging!"

Eenzame strijd

De nachten ligt Malti veel wakker. "Je ligt gewoon op een telefoontje te wachten... ieder moment verwacht je het slechte bericht. Als het die nacht is uitgebleven en je gaat de volgende dag van het ziekenhuis naar huis, dan vraag je je af of het telefoontje dié avond komt."

Ondanks alle liefde en aandacht om haar heen, moet Malti erkennen dat het een eenzame strijd is die je als partner voert. "Wat jij meemaakt, dat kunnen de anderen niet weten."

Iedere dag wordt Malti door verpleegkundigen op de hoogte gebracht van de toestand van haar man. Maar er waren dagen bij dat ze dat liever niet wilde horen.

Na drie weken volgde de eerste poging om Nath uit zijn coma te halen, maar die poging moet tot twee keer toe vroegtijdig gestaakt worden.

De derde poging lukt. "Alles was al die weken op zwart bij mij", zegt Nath. "Ik kon niet meer thuisbrengen waar ik was. En ik wilde water drinken! Dat herinner ik mij heel goed."

'Ik was hem eigenlijk kwijt, maar nu komt het goed'

Inmiddels is Nath toe aan zijn laatste week in Revalidatiecentrum Intermezzo Zuid. Volgende week mag hij weer naar huis en gaat hij op eigen kracht verder.

"Het gaat een stuk beter dan wat het geweest is", vertelt Malti. "Nath is aan het genezen, het gaat steeds beter en dan merk je ook dat het met jezelf goed gaat. Ik was hem eigenlijk kwijt, maar dan krijg je hem weer terug. Zes weken lag alles stil, maar dan denk je, nu komt het goed."

Meer over dit onderwerp:
Nieuws
Deel dit artikel: