Dieselgenerator uit, stekker erin; ook zeeschepen moeten aan de walstroom

Een groot deel van de zeeschepen die in 2030 aanleggen in Rotterdam, moet zijn elektriciteit met een stekker van wal halen. De gemeente en het Havenbedrijf gaan de komende jaren op verschillende plekken acht tot tien walstroomprojecten starten. Als zeeschepen daar schone stroom vandaan halen, kunnen de dieselgeneratoren uit en dat is beter voor het milieu en de luchtkwaliteit.

Containerschepen en cruiseschepen halen de elektriciteit die ze aan boord nodig hebben voor bijvoorbeeld verlichting, verwarming en koelingen nu uit dieselgeneratoren. Die stoten CO2 uit, zorgen voor luchtvervuiling en maken herrie. Zo klagen bewoners op de Wilhelminapier al langer over de rook die cruiseschepen uitstoten wanneer ze aangemeerd liggen.


Nog 50 miljoen euro
De walstroom moet de Rotterdamse haven verduurzamen en voor minder overlast zorgen in de stad. Voor binnenvaartschepen - die aangemeerd een stuk minder stroom verbruiken - zijn al veel walstroompunten aangelegd. Dat moet nu ook voor zeeschepen gebeuren. Daarvoor is in totaal ongeveer 125 miljoen euro nodig. Een groot deel daarvan betalen de gemeente, het Havenbedrijf en andere betrokken bedrijven en rederijen, maar 50 miljoen euro moet van subsidie komen.

Zeeschepen gebruiken aan de kade jaarlijks evenveel stroom als bijna 300 duizend huishoudens. Daardoor gaat 600 duizend ton CO2 en 8 duizend ton stikstof de lucht in. In 2030 moet het gebruik van walstroom in plaats van dieselgeneratoren 200 duizend ton CO2 besparen. De walstroompunten komen op publieke kades in de stad, maar er wordt ook naar private kades gekeken. Op dit moment wordt door Eneco en het Havenbedrijf zo'n punt aangelegd bij Rozenburg.  

Cruiseschepen

Zorgen dat walstroom ook beschikbaar is voor cruiseschepen is nog een hele uitdaging, maar staat hoog op het verlanglijstje van de gemeente. Cruisebedrijven moeten gebruik willen maken van walstroom en een stekker willen aanschaffen. Hoe aantrekkelijk dat voor een cruiseschip is, hangt ook af van of op andere aanlegplekken in de wereld walstroom beschikbaar is.

Daarnaast heeft de coronacrisis de cruisesector hard geraakt en is nog onzeker hoeveel cruiseschepen naar Rotterdam varen.

Toch hoopt de gemeente dat de komende jaren de cruiseterminal één van de acht tot tien projecten wordt. Dat het voor cruisereizigers steeds belangrijker wordt dat het schip zo milieuvriendelijk de wereld over vaart, is voor de sector weer wel een extra motivatie.

Grote plannen

90 procent van zeeschepen als ferry's en cruiseschepen die in 2030 Rotterdam aanlegt moet aan de walstroom, voor containerschepen ligt de ambitie op 50 procent voor de grote, nieuwe schepen.

Die ambitie is niet eenvoudig. Elk soort schip heeft eigen behoeften wat betreft stroom. Schepen met gekoeld voedsel hebben bijvoorbeeld veel meer stroom nodig voor alle koelingen dan een ferry die heen en weer vaart. Het aanleggen van walstroom moet voor iedereen na verloop van tijd rendabel zijn, de aanschaf van een stekker op het schip ook. Nieuwe schepen zijn makkelijker uit te rusten met een walstroomstekker dan oude schepen, zoals ook nieuwbouwhuizen bijvoorbeeld makkelijker te isoleren zijn dan hele oude panden.

Ook hebben bepaalde schepen zoveel stroom nodig, dat de kabel aan wal wel groot genoeg moet zijn om het stroomnet in de omgeving niet plat te leggen.

Het begin is altijd moeilijk, zegt het Havenbedrijf Rotterdam, maar je moet ergens een keer beginnen. Het Havenbedrijf hoopt van de acht startprojecten de komende jaren te kunnen leren, zodat walstroom aanleggen steeds goedkoper en efficiënter kan. Zo wees een proef met mobiele walstroompunten bij de Euromast aan dat het wat stroom betreft goed werkte, maar dat het toch nog wat tijd kost om zo'n verplaatsbaar punt neer te zetten en op te bouwen.

Meer over dit onderwerp:
Nieuws Haven energietransitie Cruiseschip
Deel dit artikel: