ARCHIEF RIJNMOND 18 oktober 2020 - Reddingsbrigade

Afgelopen week ben ik een beetje stukgelopen in mijn rol van éénpersoons culturele reddingsbrigade. Zo omschrijf ik mezelf nog weleens, als een éénpersoons culturele reddingsbrigade.

Iets in mij probeert allerlei cultureel waardevol materiaal te behoeden voor de ondergang. Ik lever een permanente strijd tegen de vergankelijkheid.

Trouwe luisteraars van Archief Rijnmond op Radio Rijnmond begrijpen dat ik veel tijd besteed aan het verzamelen, ordenen en documenteren van muziek uit de Rijnmond.
Maar daar blijft het bepaald niet bij.

Van de week kreeg ik het restant in de schoot geworpen van de slordige tien meter aan foto-plakboeken uit de nalatenschap van mijn vader. Mijn vader is al vijftien jaar geleden overleden. Na zijn overlijden kreeg ik al een paar tassen vol plakboeken. Onlangs heeft zijn vriendin op maar liefst 98-jarige leeftijd ook de laatste adem uitgeblazen, en bij het leegruimen van haar flat kon ik de rest komen ophalen.

Mijn drie zussen zien mij geloof ik als de archivaris van de familie.

Maar wat moet ik met iets van honderd plakboeken vol kiekjes van vakanties waar ik niet bij was, etentjes met mensen die ik niet ken en recepties in kringen waarin ik nooit heb verkeerd?

Wat is waard om bewaard te blijven?
En voor wie?

Door die vragen werd ik overvallen, foto na foto, pagina na pagina, boek na boek. Vragen die veel mensen zichzelf vroeg of laat stellen, denk ik. Je ouders gaan dood. Wat wil je bewaren van al hun spullen? Voor wie heeft het allemaal nog betekenis? Wat is de emotionele waarde? Zit er nog iets bij van historische waarde?

Alle foto’s uit het zwart-wit tijdperk bewaar ik. Zo veel zijn dat er ook niet. De jeugd van mijn ouders in Den Haag en de Achterhoek. Hun tijd in Indië, waar ik ook ben geboren. De periode van het gezin. Die - meest gekartelde - kiekjes ga ik een keer wat beter ordenen. Voor wie, dat weet ik eigenlijk niet zo goed. Niet voor mijn kinderen want die heb ik niet, voor zover ik weet. Misschien doe ik het dan voor mijn nichtjes. Of gewoon als uitstel van executie. Om mijn ouders en ons gezin op de foto’s nog even te laten voortbestaan.

Maar wat te doen met die enorme berg foto’s van de reizen die mijn vader heeft gemaakt na het overlijden van mijn moeder?
Met zijn vriendin en met reisgezelschappen zonder haar is hij sinds 1975 de halve wereld rond geweest.

Alle min of meer inwisselbare toeristische kiekjes van kerken, moskeeën, paleizen, musea, stranden en vergezichten kunnen bij het oud papier.
En alle foto’s waar hij zelf op staat?
Ik bewaar een selectie.
En zet ik dan achterop waar het was en in welk jaar?
Normaliter hecht ik aan dat soort informatie, en ik ben ook begonnen om die gegevens netjes te noteren met een watervaste viltstift, maar na de eerste twintig albums of zo begon ik te twijfelen.
Maakt het allemaal wel wat uit?

Ik ben inmiddels geneigd om helemaal niet meer op de chronologie te letten, maar op patronen. Mijn vader staat op nogal wat foto’s ergens ver weg in een hoekje, veelal op zijn rug gezien. Ik stel me zo voor dat zijn vriendin dan een foto wilde nemen van waar ze naar toe liepen maar dat mijn vader, stoïcijns en slechthorend als hij was, was doorgelopen. Dat patroon zegt mij meer dan de historische gebouwen die het decor vormen. Ik herken er iets van mezelf in.

Alle bordjes met opschriften die mijn vader over de hele wereld heeft gekiekt vormen samen ook wel een gekke verzameling. Ja, en foto’s van zijn wandelingen over de Danikerberg, aan de rand van Geleen, in Zuid-Limburg, vlak bij de plek waar hij en zijn vriendin woonden. Jaren lang heeft mijn vader twee keer per dag diezelfde wandeling gemaakt. Uiteindelijk hebben we hem ook langs dat pad uitgestrooid.
Ook daar vond ik foto’s van.

Maar zelfs als ik me beperk tot die paar categorieën blijf ik nog met een berg zitten. Inscannen dan maar? Ook een hoop werk.

Toen ik van de week enigszins vertwijfeld tussen al die boeken met het gefotografeerde leven van mijn vader zat, moest ik denken aan een kantoorscène die schrijver Hugo Brandt Corstius ooit schetste in het pre-computertijdperk. Op kantoren worstelen mensen ook met de vraag: wat bewaren we en wat mag weg?

In de schets van Brandt Corstius zegt een leidinggevende tegen een ondergeschikte over een document: ‘Gooi maar weg. Maar maak eerst even een kopietje.’

SPEELLIJST

DE TUNE
1. Ik mis je - John Verkroost

LEVEN IN TIJDEN VAN CORONA
2. Niemand kent de weg - Rens de Ronde
3. Steeds weer - Izak Boom
4. Lockdownblues - Martin Reekers
5. Je moet de moed toch niet verliezen - Jaap van de Merwe
6. Corona days - Dashboard danglers

COVERS
7. Ketelprincie - Joris Lutz & Iwan de Reus
8. Zeventien - Doris van Duijl
9. Mexico - Dorus & Metropole Orkest

10. Daar hoef je toch niet voor naar het buitenland - Spoor
 

Meer over dit onderwerp:
archiefrijnmond
Deel dit artikel: