Ahoy 50 jaar op Zuid, maar daarvoor al goed voor miljoenenpubliek aan de andere kant van de stad

Rotterdam Ahoy is jarig. Het is vrijdag vijftig jaar geleden dat Ahoy in Rotterdam-Zuid officieel in gebruik genomen werd. De coronacrisis zorgt ervoor dat er geen groot feest wordt gevierd. Maar, zo zegt directeur Jolanda Jansen: "We bestaan het hele jaar vijftig jaar, dus we vieren het later."

Het ruikt nog nieuw in het congresgebouw ‘Rotterdam Ahoy Convention Centre’ en de nieuwe muziek- en theaterzaal ‘RTM Stage’. De vijftigste verjaardag zou het moment zijn om de nieuwbouw officieel te vieren, maar de zalen van Ahoy blijven leeg. 

“We laten dit zeker niet ongemerkt voorbij gaan”, aldus Jansen. “We hebben een speciaal logo en een website waarop we met veel foto- en beeldmateriaal terugblikken op vijftig jaar historie.”

Dit weekend is er een speciale editie van Vrienden van Amstel live vanuit Ahoy met een livestream. “Die grijpen we aan om de verjaardag met relaties digitaal te vieren. Hopelijk kunnen we dat later dit jaar nog echt live doen."

Historie

Op 15 januari 1971 opende prins Claus met een druk op een knop het nieuwe Ahoy in Rotterdam-Zuid. De geschiedenis van Ahoy gaat verder terug en is onlosmakelijk verbonden met de wederopbouw van Rotterdam na de Tweede Wereldoorlog.

In 1950 was de wederopbouw van de Rotterdamse haven zo goed als klaar. In de vijf jaar na de bevrijding was keihard gewerkt om de havens die door de Duitsers vernietigd waren, weer op te bouwen. “Het waren vijf jaar waarin een herculesarbeid is verzet”, zo omschrijft het Polygoonjournaal in april 1950.

Tentoonstelling 'Rotterdam Ahoy'

In de reportage van het Polygoonjournaal wordt een tentoonstelling over de havens aangekondigd: “De Rotterdamse haven is hersteld en gemoderniseerd. Zij mag weer gezien worden. Rotterdammers willen dat zij gezien wordt. Vandaar de tentoonstelling die de naam krijgt Rotterdam Ahoy!” 

Kijk hier naar de beelden van de herstelde haven en de opbouw van de tentoonstelling Rotterdam Ahoy, artikel gaat verder onder de video

Speciaal voor de tentoonstelling Rotterdam Ahoy wordt een tentoonstellingshal gebouwd tussen de Westzeedijk en Wytemaweg op het Dijkzigtterrein. Op 19 mei 1950 wordt het paviljoen geopend. De officiële opening van de tentoonstelling door koningin Juliana en Prins Bernard is op 15 juni 1950.  

De tentoonstelling is een groot succes. In een paar maanden tijd komen ruim 1,6 miljoen mensen naar Rotterdam Ahoy. De hallen waar de tentoonstelling te zien is, krijgen al gauw de bijnaam 'Ahoy hallen.' 

Afbeelding
De Ahoyhallen tussen Westzeedijk en Wytemaweg (1957). Foto: Francois van Dijk/Stadsarchief Rotterdam

De tentoonstellingshallen worden na 1950 gebruikt voor andere manifestaties en tentoonstellingen. Ook is Ahoy in 1953 opvanglocatie voor slachtoffers van de watersnoodramp. 

De Ahoyhallen moeten in de jaren '60 plaatsmaken omdat het Dijkzigtziekenhuis gaat uitbreiden met de medische faculteit van de Erasmus Universiteit. Op het Heliportterrein achter het Hofplein wordt een tijdelijke hal gebouwd. In april 1966 wordt daar het eerste spant geplaatst voor de tijdelijke tentoonstellingsruimte. Op 1 september is de opening. Het tijdelijke Ahoy doet dienst van 1966 tot 1970. 

Afbeelding
 Eerste spant tijdelijk Ahoy op het Heliportterrein (1966). Foto: Ary Groeneveld/Stadsarchief Rotterdam

Ahoy heeft dus twee locaties gekend aan de rechter Maasoever. Maar aan de linker Maasoever groeit het uit tot de evenementenlocatie van formaat. Op 2 juli 1968 wordt de eerste paal geslagen voor de bouw van het nieuwe Ahoy op Zuid: een plek met tentoonstellingshallen en een sportpaleis. 

De Rotterdamse wethouder Roel Langerak slaat de eerste paal en meldt daarbij trots dat zonder één voet op straat te zetten, Ahoy bereikbaar is vanuit Marseille en Moskou. Het Algemeen Dagblad van 3 juli 1968 citeert de wethouder: “Het wordt met een luchtbrug verbonden met metrostation Zuidplein. Via een overstapje op de Spoorwegen kan men per rails alle grote steden van Europa bereiken.” 

De krant meldt verder dat het vijftig miljoen gulden kostende complex ‘de grootste stalen overkapping zonder pilaren die ooit in Nederland is gebouwd’ krijgt. 

Afbeelding
 Wethouder Langerak slaat de eerste paal voor Ahoy op Zuid (1968). Foto: Ary Groeneveld/Stadsarchief Rotterdam

Een gedeelte van Ahoy wordt in september 1970 in gebruik genomen. De eerste beurs in de gloednieuwe tentoonstellingshal is de Femina. De officiële opening volgt in januari 1971. Prins Claus komt op 15 januari naar Rotterdam en met een druk op de knop zette hij het scorebord in werking. Daarop verscheen de tekst: ‘Rotterdam Ahoy geopend 1971’. 

Zesduizend toeschouwers waren er getuige van. De gemeente had drieduizend genodigden te gast en liet een computer drieduizend Rotterdammers uit alle wijken selecteren die ook aanwezig mochten zijn. Het publiek kreeg een uitgebreid programma voorgeschoteld. Van een wielerwedstrijd tot een conference van Hans Boskamp en van een judowedstrijd onder leiding van Anton Geesink tot een optreden van het Rotterdams Philharmonisch Orkest. 

Heel klein mannetje 

Uiteraard ontbrak de Rotterdamse burgemeester niet op het feest. Zijn toespraak luidde de officiële openingceremonie in. Het Vrije Volk schreef een dag later in het verslag: “Burgemeester Thomassen was opeens een heel klein mannetje toen hij zich door de immense piste naar het spreekgestoelte begaf voor een woord van welkom.” 

Het verslag van de krant meldde ook dat er voor iedereen gratis koffie was en dat het een ‘vlot georganiseerd’ feest was dat “men met de metro verlaten en bereiken kon, want de Rotterdamse klapstukken vullen elkaar schitterend aan.” 

Deel dit artikel: