Demissionair minister Cora van Nieuwenhuizen in Sanders Gerse Gasten openhartig over de band met haar vader: 'Mijn pappie was mijn grote held'

In het televisieprogramma Sanders Gerse Gasten vertelt een zeer openhartige demissionair minister Cora van Nieuwenhuizen over de geweldige band die zij had met haar vader.

"We waren twee handen op één buik. Hij is acht jaar geleden overleden, maar ik was hem eigenlijk al eerder kwijt. Hij leed aan Alzheimer. Dat was echt heel verdrietig." De demissionair minister zegt haar vader nog heel erg te missen en zijn graf regelmatig te bezoeken. "Dan ga ik toch even met hem praten. Hij was namelijk ook mijn raadgever. Als ik vroeger dacht dat ik ergens een oplossing voor had, dan zei hij vaak: 'Ja, maar heb je hier al eens aan gedacht?'."

Ook al kan ze hem nu niet meer om advies vragen, ze hoopt dat het bezoeken van zijn graf toch tot nieuwe inzichten leidt. "Als ik bij hem ben, dan geeft me dat een goed gevoel. Dan voel ik de band van onvoorwaardelijke liefde weer."

Op de vraag van presentator Sander de Kramer hoe haar vader het had gevonden dat Cora nu minister is, begint ze te stralen. "Ja! Daar was hij echt ontzettend trots op geweest. Hij heeft nog wel meegemaakt dat ik in de Tweede Kamer kwam. Dat was al een beetje op het randje. Hij had toen nog wel heldere momenten, maar ook veel mindere. Ik vind het ook wel heel erg jammer dat hij dit niet heeft meegemaakt. Helaas. Veel te veel mensen maken dit mee. Ik heb gelukkig wel heel mooi afscheid van mijn vader kunnen nemen. Ik heb zijn hand kunnen vasthouden op het moment dat hij zijn laatste adem uitblies. De kinderen hebben samen de kist gedragen. Ik kijk daar met warme gevoelens op terug."

Cora van Nieuwenhuizen heeft het harde werken niet van een vreemde. Glimlachend: "Mijn vader zei altijd dat je ’s avonds wel ergens moe van moest zijn. Dat heb ik wel ter harte genomen. Hoeveel uur ik als minister maak? Nou ja, de dag begint ’s ochtends om zeven uur en ik ga meestal wel tot ’s avonds elf uur door. En in het weekend stopt het werk ook niet. Dan werk ik ook wel vijf of zes uur per dag. Ik heb gelukkig een man die ook hard werkt. Mijn man Bert is wethouder in Rotterdam (Bert Wijbenga, red.). We werken door corona natuurlijk allebei wel meer thuis. Dus wie ’s ochtends het eerst begint, die heeft de computer in de huiskamer. De andere moet dan naar de slaapkamer."


De minister heeft tussen het harde werken door wel een uitlaatklep. "Dat is Feyenoord!", lacht de Rotterdamse. "De club is een heel belangrijk deel van mijn leven. Ik heb met mijn man al jaren twee vaste stoelen in De Kuip. Vakkie N, rij 5 stoel 17 en 18. Daar hebben we onze Feyenoord-familie om ons heen. Feyenoord is de belangrijkste bijzaak in mijn leven. Als we verloren hebben, dan ben ik stikchagrijnig. Dan kan ik heftig schelden, hoor. Dan is het allemaal geen parlementaire taal, dat er bij mij uitkomt. Dan komen alle emoties eruit."

Cora neemt presentator De Kramer in de aflevering mee naar het Schouwburgplein. "Op deze mooie plek, kijkend over de Lijnbaan, stond ik bij het vieren van het laatste kampioenschap van Feyenoord. Hier vandaan kon ik precies het balkon zien. De stad explodeerde. Het was euforisch. We waren echt uitzinnig blij. Of de mensen toen een dronken minister hebben gezien? Nou, er is toen wel wat bier in gegaan, haha. Maar dat mag wel, toch? Het was zo bijzonder."
 
Tenslotte vraagt De Kramer aan de Rotterdamse minister of ze niet ooit burgemeester wil worden in haar stad. "We hebben nu een hele goede burgemeester. Dus vraag het me over een jaar of vijf, zes nog een keer." De Kramer wijst naar het stadhuis en zegt uitdagend: "Nou, we zien je wel in het stadhuis over een paar jaar." Waarop Cora antwoordt: "Nou, ik ben er klaar voor. Aan mij zal het niet liggen."

Bekijk hieronder de hele aflevering van Sanders Gerse Gasten:

Deel dit artikel: