nieuws

Rotterdamse Watt maakt een doorstart

ROTTERDAM - Het noodlijdende Rotterdamse poppodium Watt maakt een doorstart. De gemeente Rotterdam springt financieel bij, zo heeft het college dinsdag besloten. Het reddingsplan kost 2 miljoen euro.
De gemeenteraad moet nog wel toestemming geven voor de deal, maar reageert verdeeld. Coalitiepartij VVD is bang dat de gemeente straks voor tegenvallende bar-opbrengsten opdraait. Oppositiepartij Leefbaar Rotterdam is er boos over dat de gemeente opnieuw geld in Watt steekt. Rotterdam heeft al twee keer geprobeerd om Nighttown te redden, de voorganger van Watt. Die ging uiteindelijk twee-en-half jaar geleden failliet. De PvdA steunt het plan van het college.
Onderdeel van het reddingsplan is een fusie van Club Watt met poppodium Waterfront aan de Boompjeskade. Er wordt daarvoor een nieuwe stichting opgericht.
De huidige uitbaters van Watt vertrekken en de huurlast van het pand aan de West-Kruiskade wordt met een kwart verlaagd. Daardoor gaat het bedrijf voorlopig niet failliet. Rotterdam neemt voor twee ton het horecagedeelte over en steekt daarnaast 650.000 euro in schuldsanering. Bovendien leent de gemeente 1,2 miljoen euro aan de nieuwe uitbaters Stichting Watt en Waterfront. Club Watt heeft een schuld van ongeveer 3 miljoen euro.
Club Watt aan de West-Kruiskade ging begin september open als opvolger van het failliete Nighttown. Toen een maand later wethouder Grashoff zijn plan presenteerde om in de Maassilo op Rotterdam-Zuid een gemeentelijk mulifunctioneel centrum voor jongerencultuur te beginnen, luidde Watt de noodklok. Directeur Pakkert dreigde de deuren te sluiten als dat zogeheten Urban Podium er zou komen. De gemeente zou hem hebben verzekerd dat er tot 2012 geen concurrerend muziekpodium in Rotterdam bij zou komen.
Volgens Pakkert is er geen ruimte voor twee grote poppodia in Rotterdam. Bovendien vindt hij dat er sprake is van concurrentievervalsing: het Urban Podium zou onder veel gunstiger omstandigheden kunnen werken, vooral omdat het meer subsidie krijgt dan Watt.
Kritiek kwam er ook vanuit de Rotterdamse popsector, en het economisch adviesorgaan EDBR en concertorganisator MOJO lieten weten niets te zien in een tweede poppodium voor de stad.
Een dag voordat de gemeenteraad zou stemmen over het Urban Podium, maakten Club Watt en het andere Rotterdamse poppodium Waterfront bekend te willen fuseren. Ze hoopten zo Grashoff en de gemeenteraad op andere gedachten te brengen, of in het andere geval: beter de concurrentie aan te kunnen gaan met het Urban Podium.
Voor de raadsleden kwam dit voorstel te laat. Een dag later ging de gemeenteraad met de kleinst mogelijke meerderheid -het scheelde één stem- toch akkoord met het 11 miljoen euro kostende Urban Podium. Watt besloot daarop een schadeclaim van anderhalf miljoen euro neer te leggen bij de gemeente.
Grashoff wees die claim meteen af. Volgens de GroenLinks-wethouder hadden de problemen bij Watt niets te maken met de komst van het Urban Podium.