Avonturier bijna klaar voor top Mount Everest

De Rotterdamse bergbeklimmer Eric Arnold is deze dagen bezig zijn grote droom waar te maken: op de top staan van de Mount Everest, de hoogste berg ter wereld. Dat kan niet zomaar, dat vergt een aanloop van weken om te wennen aan het zuurstoftekort op grote hoogte.

Inmiddels heeft de avonturier twee inklimrondes gedaan. “We zijn tot kamp 3 gekomen, op 7200 meter. Gisteren zijn we teruggegaan naar het basiskamp. In één keer door naar de top kan niet, omdat we nog niet gewend zijn aan de lucht. Als je nu op de top zou staan, overlijd je binnen kwartier aan zuurstoftekort. We gaan dus terug naar lager gelegen gebied, om ons lichaam te prikkelen om rode bloedlichaampjes aan te maken. Die kunnen zuurstof vervoeren, en dan kan je beter presteren in zuurstofarme lucht.”

Arnold heeft wel moeten afzien tijdens de tocht naar kamp 3. “Het eerste stuk is een ijswal, een snelstromende gletsjer met grote ijstorens. Gevaarlijk maar fascinerend. De ijstorens zijn wel zo hoog als een klein flatgebouw. Ik voelde een soort mengeling van angst en bewondering. Vlak daarboven ligt kamp 1. Daarna komt een geleidelijk stuk. De hitte is daar een probleem, die kan niet we omdat het stuk door drie wanden is omgeven. Ik ben zelfs aan de binnenkant van mijn neus verbrand."

De bergbeklimmers blijven nu een dag of vijf op het basiskamp. Daarna gaan ze proberen de top te bereiken. “De planning is om op 17 mei op de top te staan, maar dat zou nog iets naar achter kunnen schuiven. De komende dagen proberen we het onszelf zo makkelijk mogelijk te maken en even te ontspannen. “

Deel dit artikel: