LONGREAD
Feyenoord-icoon en geboren Amsterdammer Rinus Israël wordt 80 jaar: 'Ik kan doen en laten waar ik zin in heb'
Hij was de eerste Nederlander die de Europa Cup 1 mocht tillen: Rinus Israël. De voormalig aanvoerder van Feyenoord viert deze zaterdag zijn tachtigste verjaardag. Met IJzeren Rinus blikken we terug op zijn voetbalcarrière en kijken we vooruit naar De Klassieker van komende zondag in zijn geboorteplaats Amsterdam.
Een Amsterdammer die in Rotterdam een voetbalheld werd. Hoewel hij opgroeide in de hoofdstad had Israël in zijn jeugd helemaal niets met Ajax. Sterker nog, hij had als klein jongetje een hekel aan die club. "Toen ik als jeugdspeler nog bij de amateurs speelde, moesten we wel eens tegen Ajax. Maar ik vond dat allemaal arrogante kereltjes", licht Israël toe. Inmiddels zijn die negatieve gevoelens helemaal versleten en heeft Israël vooral lovende woorden over Ajax: "Ik waardeer Ajax net zo als Feyenoord. Het is een prachtige club. Ik heb altijd waardering gehad voor de manier waarop Ajax speelde."
Israël is een waar Feyenoord-icoon. Hij pakte met de Rotterdammers veel prijzen, zoals de eerdergenoemde Europa Cup I, drie landstitels en een UEFA Cup. Samen met Theo Laseroms vormde Israël bij Feyenoord een gevreesd centraal duo, waaraan de verdedigers de bijnamen De Tank en IJzeren Rinus overhielden. Tot de dag van vandaag is de bijnaam van Israël een begrip in het Nederlandse voetbal, iets wat hij nog altijd als een waardering ziet.
Recordtransfer: 'Ik heb mijn belofte wel ingevuld'
Aan het begin van zijn carrière werkte Israël nog voor de gemeente Amsterdam. "Zo moest ik stratenmakers voorzien van zand, stenen en tegels, maar dat werk heb ik niet al te lang gedaan", vertelt hij. Al gauw werd Israël fullprof. Het zware werk heeft hem niet gevormd tot de verdediger die hij was. "Die instelling en mentaliteit had ik al."
Doorbreken doet Israël dus niet bij Ajax, maar bij stadsgenoot DWS. Met die Amsterdamse ploeg promoveert Israël in het seizoen 1962/1963 als kampioen van de eerste divisie naar de eredivisie. Het jaar daarop presteren DWS en Israël iets unieks: de promovendus wordt zelfs landskampioen van Nederland. "Ik zie nu niet meer gebeuren dat een ploeg als FC Volendam kans heeft om meteen landskampioen te worden", vertelt Israël over de bijzondere prestatie van destijds.
Israël groeit bij DWS zelfs uit tot Oranje-international. De transfer naar Feyenoord volgt pas in 1966, maar die overstap had nogal wat voeten in de aarde. DWS hanteert een dusdanig hoge vraagprijs, waardoor de Rotterdammers heel diep in de buidel moeten tasten om Israël naar De Kuip te halen. Het gaat om 450 duizend gulden, omgerekend zo'n 200 duizend euro. Israël vond die vergoedingssom 'aan de benauwde kant'.
Ik heb hen niet teleurgesteld.
"Toen had je nog geen zaakwaarnemer die het contract in orde maakte. Dat heb ik toen, met behulp van een kennis, zelf gedaan. Het had beter geweest als ik een zaakwaarnemer had gehad", blikt Israël terug.
De transfer kwam dus toch nog rond. Uiteindelijk betaalt Feyenoord 450 duizend gulden aan DWS en hiermee is Israël op dat moment de speler voor wie in Nederland de hoogste transfersom wordt neergelegd. "Ik heb mijn belofte wel ingevuld. Ik heb hen niet teleurgesteld", lacht Israël.
Lunchen met Wim Jansen
Zijn keuze voor Feyenoord heeft Israël geen windeieren gelegd. Het winnen van de Europa Cup I-finale in 1970 tegen Celtic, waarin hij zelfs de gelijkmaker scoort, is het hoogtepunt van zijn voetbalcarrière. Op deze mooie bekerwinst wordt IJzeren Rinus niet zo vaak aangesproken. "Ik woon in Amsterdam, maar als ik in Rotterdam zou wonen dan zou er meer aandacht voor zijn", denkt hij.
Moeiteloos lepelt Israël alle namen op van het Feyenoord-team van 1969/1970. Hoewel Israël ook bij Oranje grote namen om zich heen had, blijft die ploeg voor hem de beste waarin hij heeft gespeeld. Met Wim Jansen als zijn favoriete medespeler aller tijden. "Hij was een rustige en aardige jongen. Geen druktemaker. De laatste jaren heb ik met Jansen veel contact gehad. Dan gingen we samen in Rotterdam lunchen in het stadion. Buiten dat hij heel aardig, vriendelijk en sympathiek was, was Jansen een geweldige voetballer."
In januari overleed Jansen op 75-jarige leeftijd. "Ik mis het dollen en de bijeenkomsten in het Feyenoord Stadion, als we bijvoorbeeld dus samen gingen lunchen. Ik denk nog veel aan hem", vertelt Israël.
Ajax klopt tóch nog aan
Na het WK Voetbal van 1974 in West-Duitsland - waarop Israël bij Oranje bankzitter was - en het winnen van de UEFA Cup met Feyenoord tegen Tottenham Hotspur, verlaat Israël transfervrij De Kuip. Hij tekent bij Excelsior en speelt één seizoen eredivisievoetbal op Woudestein. Daarna vervolgt Israël zijn carrière bij PEC Zwolle, om zijn lange loopbaan daar in 1982 af te sluiten.
Maar het einde van zijn carrière had nog heel anders kunnen lopen. Wanneer Israël bij Excelsior speelt, klopt Ajax bij hem aan. Iets wat de Amsterdammers niet deden toen hij nog voor stadsgenoot DWS speelde. "Pas toen ik bij Excelsior speelde, toonde Ajax interesse. Ze hadden toen problemen met een centrale verdediger", bevestigt Israël. Dat is niets geworden, waarna Israël dus zijn laatste jaren sleet in de eerste divisie en later nog in de eredivisie. Wel wilde Ajax halverwege jaren '80 Israël als trainer hebben, maar de Amsterdammers kozen uiteindelijk voor een andere coach.
Sjaak Swart speelde voor Ajax geregeld tegen Israël in De Klassieker. De twee zijn goed bevriend met elkaar. Swart vindt het jammer dat Israël en hij geen teamgenoten bij de Amsterdammers zijn geworden. "Hij was goed genoeg geweest voor Ajax. Israël had bij ons zeker gepast", zegt Swart.
Van centrale verdedigers zoals Israël zijn er volgens Swart tegenwoordig niet veel. Bovendien was IJzeren Rinus niet alleen stevig in het aanpakken van aanvallers, maar kon Israël ook veel met de bal aan de voet. "Hij had een geweldige trap in de benen", vertelt Swart, met wie Israël wel samen in Oranje zat. "Als een streep kreeg je dan de bal in de voeten. Israël kon dat met links én rechts. Dat vond ik klasse." Ook zette de toenmalige aanvoerder van Feyenoord de verdediging goed neer, aldus Swart. "Dat was hem op het lijf geschreven."
Trainerscursus
"Sjakie!", noemt hij Mister Ajax vriendelijk met een Amsterdam accent. "Hij was een goede rechtsbuiten. Wel was Swart een beetje voorzichtig, je mocht hem niet te hard aanpakken. Dat vond ‘ie niet zo leuk", knipoogt Israël. "Ik kwam niet heel vaak in zijn buurt. Dat was wel beter voor mij", antwoordt Swart daarop. Hij erkent dat de oud-Feyenoorder een meedogenloze verdediger was. "Het klopt dat Rinus zich niet inhield. Met zijn maatje Laseroms hebben ze een hoop voorhoedes van de tegenpartij lam gelegd."
Maar Israël kon volgens Swart ook goed incasseren. "Tegen Pietje Keizer bijvoorbeeld", haalt Swart aan. "Eens wilde Israël hem aanpakken, maar Pietje was slim. Pietje trok zijn been terug en vervolgens stapte hij op de enkel van Israël, in plaats van andersom. Maar Rinus gaf geen kick. Hij was iemand die er niet de pest in had als 'ie zelf een tik kreeg, want dan incasseerde Israël die ook. Dat was sterk van hem."
Voor Swart heeft Israël mooie woorden over: "Hij is een sympathieke man. Ik kan goed met hem over weg. Als ik hem zie, dan is het leuk en gezellig. Hij is een goede vent."
Samen zaten Israël en Swart ook nog eens op de trainerscursus van de KNVB. Swart lacht wanneer hij daaraan wordt herinnerd: "Dat was geweldig! Het liep als een trein. We hebben het altijd heel leuk gehad met de cursussen." Hoewel de trainerscursussen leuk waren, waren die volgens Swart ook wel vermoeiend. "We voetbalden op zondag. Op maandag moesten we dan om 09:00 uur in Zeist zijn, maar dan waren we nog half gebroken van de wedstrijd een dag eerder. Je kreeg dan lessen, maar daar had je niet zo’n trek in. Dan was je heel de dag in Zeist, maar halverwege zat iedereen dan half te slapen."
In de jaren '80 zou Israël terugkeren in De Kuip als trainer, maar een succesvolle periode wordt het niet. Bij Feyenoord houdt hij het maar twee seizoenen vol. "Dat was wel spijtig geweest dat het geen succes is geworden", blikt Israël daarop terug.
'De Klassieker was toen bepalender'
Zijn spelersloopbaan bij Feyenoord is wel succesvol. Israël zou dus niet mét, maar altijd tegen Ajax strijden. Met Feyenoord speelde hij veel Klassiekers. Eentje springt voor hem er meteen uit: die van het seizoen 1970/1971. Saillante details: Feyenoord is regerend Europa Cup I-winnaar, terwijl Ajax zich opmaakte voor de finale tegen Panathinaikos in het hoogste Europese clubtoernooi.
In het Olympisch Stadion in Amsterdam wint Feyenoord met 3-1 van Ajax, waarna de landstitel voor de Rotterdammers voor het grijpen ligt. "Dat was een wedstrijd waar het écht erom ging. Als Ajax had gewonnen, dan was die club kampioen geworden", blikt Israël terug. Een week later veroverde Feyenoord de landstitel na een 2-1 thuiszege op Haarlem.
Volgens Israël is De Klassieker tussen Ajax en Feyenoord de grootste wedstrijd van Nederland. "En ik mag toch wel stellen dat Ajax en Feyenoord de twee grootste clubs in Nederland zijn. Feyenoord is de eerste winnaar van de Europa Cup I, Ajax kwam daarna. De Klassieker was toen nóg meer bepalend wie er kampioen zou worden dan tegenwoordig. In mijn periode als voetballer werd Ajax óf Feyenoord kampioen."
Swart beaamt dat. "Dáár ging het om: Ajax-Feyenoord! Daarna kwam de rest van de wedstrijden. Feyenoord had toentertijd ook een fantastisch team met allemaal goede voetballers, maar Ajax had ook een sterk team", aldus Mister Ajax, die met de Amsterdammers drie keer de Europa Cup I won.
'Ik vind Trauner écht goed'
Terug naar het voetbal van 2022. Israël is te spreken over de ontwikkeling van Feyenoord. Dankzij een aantal aankopen hebben de Rotterdammers volgens hem de stijgende lijn ingezet. Waaronder Gernot Trauner, die afgelopen zomer de transfer maakte van LASK Linz naar Rotterdam.
Het centrale duo Marcos Senesi en Gernot Trauner functioneert volgens Israël goed. Hij heeft vooral lovende woorden voor de Oostenrijker, van wie het nog onzeker is of hij na zijn corona-besmetting zondag in actie kan komen. Israël hoopt het. "Trauner vind ik verdedigend en opbouwend goed. Zijn pass is meestal in de diepte. Ik vind hem echt een goede centrale verdediger. Senesi heeft wel een moeilijke periode, gezien de laatste wedstrijden. Een tegenstander als Ajax ligt Senesi wel goed. Wanneer de ruimtes wat kleiner zijn, dan kan hij goed uit de voeten."
'Ajax favoriet, maar Feyenoord is zeker niet kansloos'
Toen Israël bij Feyenoord voetbalde, wonnen de Rotterdammers nog wel eens in Amsterdam. Dat is de laatste jaren wel anders. Voor de laatste Feyenoord-zege in de hoofdstad moeten we terug naar het seizoen 2005/2006. Dankzij doelpunten van Dirk Kuyt en Salomon Kalou won Feyenoord met 2-1 van Ajax.
Sindsdien wacht iedereen die Feyenoord een warm hart toedraagt op een driepunter in Amsterdam. Israël denkt dat dit wederom een pittige opgave wordt. "Als ik een winnaar moet aangeven, dan is dat Ajax. Die club is de favoriet. Maar Feyenoord is zeker niet kansloos", zegt Israël. Zo liggen er mogelijkheden als Luis Sinisterra in de omschakeling kan toeslaan. De Colombiaan ontwikkelt zich uitstekend, vindt Israël. "Bovendien wil Ajax zelf graag aanvallend en meevoetballen. Daar kan Feyenoord goed tegen voetballen."
Ook Swart verwacht een moeilijke wedstrijd voor Ajax tegen Feyenoord. "Bovendien moet ik eerlijk zeggen dat Feyenoord steeds beter wordt. Maar soms heeft de club een wedstrijd waarbij ik denk: kom op, Feyenoord! Vorige week waren jullie nog zo goed!" Mister Ajax is blij dat de verschillen tussen beide teams de laatste jaren steeds kleiner worden, waardoor er volgens Swart de competitie spannender wordt. Ajax is volgens de oud-aanvaller wel de favoriet voor deze Klassieker. "Maar Ajax-Feyenoord blijft altijd apart", aldus Swart.
Fietsenwinkel
Tegenwoordig is de 80-jarige Israël een voetbaltrainer in ruste. Hij schuift regelmatig aan in het Sportcafé bij de regionale omroep NH en is op Radio Rijnmond af en toe analist bij wedstrijden van Feyenoord. Verder komt hij de dagen door met boodschappen doen voor zijn vrouw en met bezoekjes aan fietsenwinkel Dral in Landsmeer. "Dat zijn voetballiefhebbers en de eigenaar is Feyenoord-supporter. De twee à drie uurtjes die ik daar zit, zijn prettig toeven. Het zijn allemaal aardige mensen die ik hier heb ontmoet", zegt Israël.
Wel kampt Israël sinds anderhalf jaar met een incomplete dwarslaesie. "Ik kan weer een beetje lopen. Met een stok kom ik aardig uit de voeten. Ik kan autorijden. Alleen de zenuwen geven een vervelend gevoel. Die zijn beschadigd en dat is niet prettig, maar ik kan in ieder geval doen en laten waar ik zin in heb."
Deze zaterdag viert Israël met zijn familie zijn tachtigste verjaardag. Een dag later zit hij natuurlijk klaar voor De Klassieker tussen Ajax en Feyenoord. "Dat is zeker!", benadrukt Israël.