Aandelen Sportclub Feyenoord naar Kromme Zandweg

De meerderheidsaandelen voor Stadion Feijenoord B.V. van Sportclub Feyenoord zijn woensdagavond bij een bijzondere algemene ledenvergadering opgesplitst naar de Kromme Zandweg B.V.. Van de kleine honderd leden stemde het overgrote deel (92 procent) voor.

De Kromme Zandweg B.V. is voorstander van een nieuw stadion. Vanuit Sportclub Feyenoord is met het besluit van woensdagavond een nieuw stadion een stap dichterbij. Al nuanceren de bestuursleden zelf dat het deze avond niet alleen daarom ging: "Deze stap bepaalt helemaal niet of er een nieuw stadion komt of dat we het oude stadion gaan renoveren. Deze stap zorgt enkel dat de aandelenstructuur eenvoudiger wordt. Een nieuw stadion staat daar los van", zegt bestuurslid Peter Bak.

Naast de Kromme Zandweg B.V. had ook Stichting Vrienden van de Kuip een bod gedaan op de meerderheidsaandelen van Sportclub Feyenoord.  Bij de ingang van het terrein had een groepje supporters zich verzameld namens deze stichting met een duidelijk stemadvies. ‘Stem nee’ viel er te lezen op een spandoek, terwijl er driftig flyers werden uitgereikt. Die stichting heeft dus naast de aandelen van de Sportclub gegrepen. Via eerder openbaar gemaakte brieven maakten zij duidelijk om eventueel juridische stappen te ondernemen als het zover kwam. Op moment van schrijven is het nog onbekend of Stichting Vrienden van de Kuip hier echt werk van gaat maken.

"Hiermee blijven de aandelen in de Feyenoord-familie", zegt bestuurslid Cees Ultee, die vervolgt dat Feyenoord hiermee aantrekkelijker moet worden voor financiers maar tegelijkertijd beschermt wordt tegen overnames van buitenaf. "En in deze nieuw gevormde stichting krijgt iedereen een plek. De Sportclub, het stadion en de BVO. Dat akkoord is woensdagmiddag gesloten zodat we echt samen zeggenschap hebben hierover."

Bekijk hierboven het interview met bestuursleden Cees Ultee en Peter Bak. Overige leden mochten niet reageren voor de camera.

Meer over dit onderwerp:
Sport Feyenoord Feyenoord-City
Deel dit artikel:

Reageren