Deze gemeente kiest voor gescheiden nachtopvang: 'Meer rust voor iedereen'
Het kan wél: een gescheiden nachtopvang voor dak- en thuisloze mannen en vrouwen. Waar Rotterdam vasthoudt aan één gezamenlijke slaapzaal, kiest Vlaardingen voor een andere aanpak met aparte ruimtes. De opvang is bovendien elke winternacht open en niet alleen als het vriest.
De winternachtopvang voor Schiedam, Vlaardingen en Maassluis opende vorig jaar aan de Hofsingel in Vlaardingen, in het Oranjepark. Het was een proef voor dak- en thuisloze mensen uit de regio, die ‘s winters niet op straat willen slapen.
Vanaf het begin bleek de behoefte groot. De dertig slaapplekken waren bijna elke nacht bezet. Daarom is besloten de voorziening een permanente status te geven. De komende vijf jaar kunnen dak- en thuisloze mensen uit het Waterweggebied er tussen 1 november en 1 april terecht voor een bed, douche en avond- en ochtendmaaltijd.
Renovatie
De locatie is dankzij een bijdrage van de gemeente Vlaardingen en het Fonds Schiedam-Vlaardingen na de proefperiode flink gerenoveerd. De oude betonnen vloer is vervangen door laminaat. De woon/eetkamer is groter gemaakt en het luchtcirculatiesysteem is verbeterd. Maar de belangrijkste ingreep is de opdeling van de grote slaapzaal en de badkamer.
Waar vorig jaar de vrouwen en mannen nog op één zaal sliepen, is nu een strikte scheiding aangebracht. Direct naast het kantoortje van de beveiling hebben de vrouwen een aparte ruimte gekregen, opgedeeld in kleine compartimenten. Achter elk gordijn staat een stapelbed waar de vrouwen zich kunnen terugtrekken. Recht tegenover de slaapzaal is de vrouwenbadkamer en de wasruimte met wasmachine en droger.
Mannen slapen verderop in een andere gang. Ook die zaal is met schotten opgedeeld en heeft een eigen badkamer en wasruimte. Daarnaast is er nog een derde slaapkamer, voor mensen met een baan. Zij kunnen zo via een eigen uitgang al vroeg naar hun werk zonder anderen wakker te maken.
Directeur Suzanne Korthorst van Stoed-Seniorenwelzijn is blij met de nieuwe inrichting. ”We hebben goed geluisterd naar de gebruikers en medewerkers. We bieden nu veel meer rust en privacy. Goede nachtrust is belangrijk voor ieder mens. Het zorgt voor herstel, rust en betere sfeer in de opvang."
De dakloze mensen worden bij de reguliere dag- en nachtopvang De Elementen (bedoeld voor mensen die begeleid worden naar een vaste plek) met een busje opgehaald en naar de winteropvang gebracht. "Dit zorgt voor minder overlast in de buurt, doordat de mensen niet voor het hek of in het naastgelegen park blijven wachten tot we opengaan.”
De winteropvang is open vanaf vijf uur ’s middags tot de volgende ochtend negen uur. Elke winternacht, dus niet alleen als het vriest. Rotterdam kiest wel voor zo’n koude-opvang-regeling.”
Menselijk oogpunt
Korthorst noemt het een bewuste keuze, vooral vanuit menselijk oogpunt: “Bij een opvang die alleen open is onder de nul graden, aarzelen mensen om te komen. Ze zijn bang hun goede plek in het park of onder de brug kwijt te raken. Een permanente opening geeft duidelijkheid, ook voor de buurt en de medewerkers. We hoeven nu niet steeds op- en af te schalen.”
Schiedam, Vlaardingen en Maassluis deden dit jaar voor het eerst mee aan de landelijke Ethos-telling. Ruim vijftig organisaties telden in april alle dak- en thuisloze personen. In de drie Waterweggemeenten gaat het om 690 mensen: 601 volwassenen en 89 kinderen. Arbeidsmigranten zijn hierbij niet of nauwelijks meegeteld.
Wie binnenkomt wordt gecontroleerd op wapens, scherpe voorwerpen en drugs. Ook is er een alcoholtest. Dronkenschap is niet toegestaan. Eén nacht slapen kost 7 euro per persoon. De meeste mensen blijven langer dan één nacht.
Een goede nachtrust is belangrijk voor herstel, benadrukt Korthorst. “Wie goed slaapt, start de dag anders.” Huismeester Eddy ziet dat ook. “Mensen zeggen dat het hier warm en huiselijk is. De eerste nacht hadden we al 16 bezoekers en ik verwacht dat het met regen en kou snel vol zit.”
Voorbeeld voor Rotterdam?
De directeur van Stoed-Seniorenwelzijn hoopt dat Rotterdam met deze permanente winteropvang het voorbeeld van Vlaardingen volgt. “Deze regio heeft echt zijn nek uitgestoken voor een menswaardige opvang. Je slaapt hier in een klein gebouw met heel veel mensen, die elkaar niet kennen en vaak een rugzak hebben. Dan is het fijn als er structuur en duidelijkheid is, zodat je sneller kunt bouwen aan herstel.”
Korthorst weet dat een winternachtopvang met dertig bedden het probleem voor de dak- en thuislozen niet oplost. “Het is een vurige wens om ook na 1 april open te blijven. Daarover zijn we met alle betrokkenen in gesprek. De nieuwe tellingen helpen bij die gesprekken, want ze laten zien hoe groot de groep is.”
Ze besluit: "Zolang er geen structurele oplossing is voor het huisvestingsprobleem, moeten we zorgen voor goede en voldoende opvang. Niemand zou op straat moeten slapen."